Hildegard van BingenBenedictijns monnikendom · visionaire theologieLEESGIDS · Een plek om te beginnen · 9 min

De wegen van het visioen

Volg hoe de Scivias elk visioen tot lering maakt, van de roeping van 1141 tot de beelden van de kosmos en van de Kerk.

Een oorspronkelijke inleiding. Deze gids begeleidt het lezen van het werk; hij is geen volledige tekst of vertaling.

01

De tekst situeren

Het werk, geschreven tussen 1141 en 1151 met hulp van de monnik Volmar en de non Richardis van Stade, werd door een pauselijke commissie onderzocht en op de synode van Trier in 1147–1148 voorgelezen ten overstaan van paus Eugenius III. Een rijk verlucht exemplaar uit de Rupertsberg is sinds 1945 verdwenen; de afbeeldingen zijn nu bekend uit foto's en uit een met de hand geschilderde kopie van de nonnen van Eibingen. In drie boeken en zesentwintig visioenen beschrijft Hildegard eerst elk beeld dat ze zag en geeft ze daarna de uitleg die een hemelse stem uitspreekt: schepping, zondeval en de bouw van de kosmos in boek I; verlossing, Kerk en sacramenten in boek II; de heilsgeschiedenis, de deugden en het einde der tijden in boek III, dat besluit met gezangen en een vroege tekst van het spel van de Deugden.

02

De argumenten volgen

Visioen en uitleg: Elk visioen wordt eerst als beeld voorgesteld en daarna zin voor zin uitgelegd, zodat het tafereel een lering wordt over God, de wereld en de ziel. Het kosmische ei: In boek I verschijnt het heelal als een eivormig bouwwerk van vuur, ether en vochtige lucht rond de aarde, met winden en sterren die de orde van Gods bestuur uitdrukken. Ecclesia: De Kerk verschijnt als een reusachtige vrouw, bruid van Christus en moeder van de gelovigen, die de pas gedoopten in haar lichaam opneemt en lijdt onder de tekortkomingen van de geestelijkheid.

03

Vervolg met lezen

Begin met de inleidende verklaring die de roeping van 1141 vertelt en lees daarna visioen 3 van boek I over de kosmos en visioen 3 van boek II over de Kerk, met reproducties van de miniaturen bij de hand. Het werk, geschreven tussen 1141 en 1151 met hulp van de monnik Volmar en de non Richardis van Stade, werd door een pauselijke commissie onderzocht en op de synode van Trier in 1147–1148 voorgelezen ten overstaan van paus Eugenius III. Een rijk verlucht exemplaar uit de Rupertsberg is sinds 1945 verdwenen; de afbeeldingen zijn nu bekend uit foto's en uit een met de hand geschilderde kopie van de nonnen van Eibingen.

Een idee om mee te nemen.

In de Scivias horen zien en begrijpen bij elkaar: het beeld roept een vraag op die de uitleg tot leer maakt.

Tijd om zelf na te denken.

  1. Waarom benadrukt Hildegard dat ze wakker en met open ogen zag, en welk gezag geeft dat aan haar geschriften?
  2. Hoe verandert de uitleg door de hemelse stem de betekenis van een beeld zoals het kosmische ei?
Ga verder in mijn notitieboek

Je selectie en voortgang blijven in deze browser staan.

Doorzoek de bibliotheek

Begin met een naam, een vraag of een idee.

De zoekopdracht doorzoekt deze taaleditie. Elk resultaat opent de oorspronkelijke pagina.